Citaat | Rechtbank Limburg 30 juni 2016

Onder 5.7. Rechtbank Limburg 30 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Limburg 30 juni 2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:5418.

Conform artikel 7:645 BW kan van de artikelen 7:634 BW tot en met 7:643 BW (vakantie en verlof) niet ten nadele van de werknemer worden afgeweken. Het beding 4.4. in de arbeidsovereenkomst is derhalve nietig. Echter, als onweersproken staat vast dat [verzoeker] ieder kalenderjaar startte met een ‘schone lei’ aan verlof. Hij startte met een positief noch een negatief “oud”-verlof saldo, de teller stond steeds op “0” op 31 december 00.00 uur. Partijen hebben het nietige beding van 4.4. van de arbeidsovereenkomst dus steeds nageleefd en tot onderhavige procedure kennelijk ook naar ieders tevredenheid. Daarnaast is de stelling van Prika dat [verzoeker] jaarlijks gedurende lange tijd in Cuba verbleef niet weersproken. Een en ander in combinatie met het ontbreken van een deugdelijke onderbouwing van de resterende verlofaanspraak ( [verzoeker] komt immers niet verder dat 2012-2014 = 3 jaar = 3x 16 bovenwettelijke uren), komt de kantonrechter tot het oordeel dat [verzoeker] geen aanspraak meer heeft op meer niet genoten verlofuren dan de 7 die Prika reeds heeft uitbetaald.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c7db7a9b627ab3750e4ffb438616496b0a7ac7bdf5516d4d7e5dfbd07739041. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c7db7a9b627ab3750e4ffb438616496b0a7ac7bdf5516d4d7e5dfbd07739041, en de alinea staat in dat document op bytes 17782 tot 18888.