Citaat | Rechtbank Limburg 27 januari 2016

Alinea 25 Rechtbank Limburg 27 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Limburg 27 januari 2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:623.

7. De rechtbank overweegt nog het volgende. Eisers betoogden dat, nu de Tegelenjurisprudentie niet van toepassing was, de vernietiging van het bestemmingsplan, gelet op artikel 8:72, tweede lid, van de Awb, (automatisch) tot gevolg heeft gehad dat de rechtsgevolgen van die vernietiging niet in stand kunnen blijven. Volgens eisers was de omgevingsvergunning een rechtsgevolg van het op 10 september 2014 vernietigde bestemmingsplan, zodat op die datum, als (rechts)gevolg van deze vernietiging, ook de omgevingsvergunning is vervallen. De rechtbank volgt eisers niet in deze redenering. Een omgevingsvergunning is namelijk niet aan te merken als een (automatisch) rechtsgevolg van een bestemmingsplan en wordt dus bij vernietiging achteraf van het bestemmingsplan niet van rechtswege ongeldig. De rechtbank verwijst in dit verband naar rechtsoverweging 2.5.2 van voormelde uitspraak van de Afdeling van 21 december 1999. De vernietiging van een bestemmingsplan betekent wel dat het bestuursorgaan bij de beoordeling van een omgevingsvergunning, indien deze nog niet onherroepelijk is, zich niet meer mag baseren op het vernietigde bestemmingsplan. Ter zitting is gebleken dat verweerder inmiddels, namelijk op 5 augustus 2015, een nieuwe beslissing op het bezwaar tegen de omgevingsvergunning voor de rijhal heeft genomen en deze omgevingsvergunning toen heeft ingetrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aaa6b0d8cf42534038ebcb59ec8a55f12bd14d52b82af5d2e6872296d42f8675. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aaa6b0d8cf42534038ebcb59ec8a55f12bd14d52b82af5d2e6872296d42f8675, en de alinea staat in dat document op bytes 10508 tot 11896.