Citaat | Rechtbank Limburg 21 december 2018
Onder 4.5.2. Rechtbank Limburg 21 december 2018
Een alinea uit Rechtbank Limburg 21 december 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:12356.
Noch in de wettekst, noch in de parlementaire geschiedenis (zie Kamerstukken II 2013/14, 33818, 3, p. 94-95), is een basis te vinden dat te laat aanzeggen het in art. 7:668 lid 4 onder a BW genoemde gevolg, te weten voortzetting, in de weg staat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4afd17dddd4ce34f17be11dfb6d3ef41cd133650736baaf0e3ab02ba6fe38241. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4afd17dddd4ce34f17be11dfb6d3ef41cd133650736baaf0e3ab02ba6fe38241, en de alinea staat in dat document op bytes 31102 tot 31361.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4afd17dddd4ce34f17be11dfb6d3ef41cd133650736baaf0e3ab02ba6fe38241 | shasum -a 256