Citaat | Rechtbank Limburg 14 februari 2018

Onder 4.10.4 Rechtbank Limburg 14 februari 2018

Een alinea uit Rechtbank Limburg 14 februari 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:1464.

De raadsman van de Stichting heeft het recht op incasso van de buitengerechtelijke advocaatkosten aan de Stichting overgedragen aan de Stichting en haar gemachtigd de vergoeding van deze uren van € 60.000,- van de Staat te vorderen. De gevorderde buitengerechtelijke advocaatkosten zijn aan te merken als een nevenvordering. Beoordeling van een nevenvordering is afhankelijk van de vraag of de gevorderde hoofdvordering is toegewezen. Is dit het geval, dan dient ook de nevenvordering te worden beoordeeld. Nu de Stichting niet kan worden ontvangen in haar hoofdvorderingen, kan zij evenmin in haar nevenvordering worden ontvangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e33ff3e36e8aa0f38b3bc74f1f3fbbe8bf04df4996729c05dcf2fc189012067a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e33ff3e36e8aa0f38b3bc74f1f3fbbe8bf04df4996729c05dcf2fc189012067a, en de alinea staat in dat document op bytes 41515 tot 42162.