Citaat | Rechtbank Limburg 29 augustus 2018

Onder 4.13 Rechtbank Limburg 29 augustus 2018

Een alinea uit Rechtbank Limburg 29 augustus 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:8246.

Een tweede voorwaarde voor toewijzing van een vordering op basis van artikel 7:869 jo. 6:152 BW is dat de schuld ten laste van de desbetreffende borg is gedelgd. Met overeenkomstige toepassing van hetgeen de Hoge Raad hierover heeft bepaald ten aanzien van de regresvordering op basis van artikel 6:10 BW, neemt de rechtbank tot uitgangspunt dat het vorderingsrecht met betrekking tot de omslag uit hoofde van artikel 7:869 jo. 6:152 BW ook pas op dat moment ontstaat. Dat betekent dat in dit geval [eiser sub 1] en [eiser sub 2] de schuld daadwerkelijk geheel of gedeeltelijk moeten hebben betaald.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96453f2eae573e6ac40f360222483181af8d01858105f3f99dc8e478d957b977. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96453f2eae573e6ac40f360222483181af8d01858105f3f99dc8e478d957b977, en de alinea staat in dat document op bytes 21868 tot 22480.