Citaat | Rechtbank Limburg 22 februari 2019

Onder 3.3.1 Rechtbank Limburg 22 februari 2019

Een alinea uit Rechtbank Limburg 22 februari 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:1676.

Op 1 november 2017 vond in de memberroom van Satudarah Geleen een gesprek plaats tussen [verdachte 1] , [verdachte 3] en [betrokkene 12] (zaakdossier Boekvink). Uit de OVC en diverse tapgesprekken valt op te maken dat [betrokkene 12] Satudarah wil inschakelen voor een probleem dat hij heeft met ene [betrokkene 13] . In dit gesprek wordt gesproken over de beloning die de club zal ontvangen als de inspanningen succesvol zijn. [betrokkene 12] biedt een deel van de toekomstige opbrengsten van de hennepteelt aan. [verdachte 1] geeft dat aan dat hij ook ‘loopgeld’ voor de jongens verwacht voor als het misgaat. Bijvoorbeeld als de politie komt en ze net iemand in de kofferbak hebben. Hij noemt een bedrag van tussen de 5.000 en 10.000 euro. Later blijkt dat [verdachte 3] al dan niet met anderen die [betrokkene 13] al benaderd heeft, want het is al een tijdje rustig.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bb2a2f1761c7beb9de37618b5fbd52c8b0e7ac32bd281241065113c64598086. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bb2a2f1761c7beb9de37618b5fbd52c8b0e7ac32bd281241065113c64598086, en de alinea staat in dat document op bytes 39907 tot 40796.