Citaat | Rechtbank Limburg 29 januari 2019

Onder 4.3.5 Rechtbank Limburg 29 januari 2019

Een alinea uit Rechtbank Limburg 29 januari 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:810.

Van de in het onderzoek betrokken modellen van de stansplaten is er één in verband te brengen met de aangetroffen valse zegels. Daarmee is echter niet gezegd wie die plaat feitelijk heeft gebruikt en wanneer dat is geweest. Dat de verdachte zelf de plaat feitelijk heeft gebruikt om valse zegels te maken, kan op basis van dit enkele verband niet worden vastgesteld. Het is voor de rechtbank hooguit aannemelijk dat hij de valse zegels heeft laten produceren en de desbetreffende drukker van de benodigde stansplaten heeft voorzien. Een verdergaande conclusie laat het dossier niet toe. De rechtbank is, in tegenstelling tot de officier van justitie, van oordeel dat voornoemde suspecte gedragingen van de verdachte niet de bewijssituatie opleveren die -simpel gezegd- om uitleg schreeuwt, zodat bij uitblijven van een geloofwaardige legitieme uitleg voor die gedragingen van de kant van de verdachte een veroordeling kan volgen. Door wie er gedrukt is, is in dit onderzoek niet opgehelderd. Er is te weinig bewijs dat dit de verdachte is geweest. Het laten produceren valt niet onder de tekst van de tenlastelegging. De rechtbank zal de verdachte dan ook vrijspreken van feit 1.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60b04021d4366361cb81d4694ab331744b920d81257c27b95ca7c0896e2ba712. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60b04021d4366361cb81d4694ab331744b920d81257c27b95ca7c0896e2ba712, en de alinea staat in dat document op bytes 49357 tot 50551.