Citaat | Rechtbank Limburg 29 januari 2019
Onder 4.3.6 Rechtbank Limburg 29 januari 2019
Een alinea uit Rechtbank Limburg 29 januari 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:810.
In de periode kort voor de inval ontdekte de verdachte dat er problemen waren en dat justitie bij [naam bv 2] was. Dat blijkt uit aangetroffen Skypeberichten van die periode. De sites moesten van de verdachte op zwart. In een Skypebericht van 20 december 2011 werd vervolgens aan de verdachte gemeld dat de spullen waren opgeruimd en de laatste dingen in een container langs de A2 waren geduwd. Dat betekent volgens de rechtbank dat de portakabin van [naam website 1] in allerijl voor de verdachte is leeggemaakt. Alleen dat al maakt dat getwijfeld moet worden aan het waarheidsgehalte van het inkoopverhaal van de verdachte, die zoals gezegd ook nog eens geen inkoopadministratie had. Maar er is meer dan dat: getuigenverklaringen van handelaren en van leveranciers van de verdachte schetsen een duidelijk beeld: er zijn geen inkopen van postzegels van de hoge waarden zoals die zijn aangetroffen op de stickervellen. Wél inkopen van lagere waardes.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60b04021d4366361cb81d4694ab331744b920d81257c27b95ca7c0896e2ba712. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60b04021d4366361cb81d4694ab331744b920d81257c27b95ca7c0896e2ba712, en de alinea staat in dat document op bytes 54889 tot 55917.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/60b04021d4366361cb81d4694ab331744b920d81257c27b95ca7c0896e2ba712 | shasum -a 256