Citaat | Rechtbank Limburg 30 juli 2020

Onder 7.4 Rechtbank Limburg 30 juli 2020

Een alinea uit Rechtbank Limburg 30 juli 2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:5621.

Blijkens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad kan vergoeding van shockschade plaatsvinden als bij de benadeelde partij een hevige emotionele schok wordt teweeggebracht door (i) het waarnemen van het ten laste gelegde, of (ii) door de directe confrontatie met de ernstige gevolgen ervan. Uit die emotionele schok dient vervolgens geestelijk letsel te zijn voortgevloeid. Dat zal zich met name kunnen voordoen als de benadeelde partij en het slachtoffer een nauwe affectieve relatie hadden en het slachtoffer bij het ten laste gelegde is gedood of verwond. Of gesproken kan worden van een directe confrontatie met de ernstige gevolgen van het misdrijf dient per individueel geval te worden beoordeeld, waarbij de rechtbank in het oog moet houden dat vergoeding van shockschade alleen onder strikte voorwaarden plaatsvindt. Hiermee strookt dan ook niet om het vereiste van waarneming van het strafbare feit of directe confrontatie met zijn ernstige gevolgen af te zwakken vanwege de ernst van het strafbare feit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73dc463370bc77bf49f424e000b7ebbb2ff95f5427b22af7fc33eeb1ebfb402b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73dc463370bc77bf49f424e000b7ebbb2ff95f5427b22af7fc33eeb1ebfb402b, en de alinea staat in dat document op bytes 122711 tot 123798.