Citaat | Rechtbank Limburg 11 november 2020

Onder 3.3 Rechtbank Limburg 11 november 2020

Een alinea uit Rechtbank Limburg 11 november 2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:8758.

De rechtbank volgt deze redenering niet en is van oordeel dat de ten laste gelegde uitlatingen als bedreiging in de zin van artikel 285 van het Wetboek van Strafrecht te kunnen worden aangemerkt. Duidelijk was dat de verdachte een grote wrok jegens haar koesterde gezien de omstandigheid dat de verdachte reeds meerdere malen het slachtoffer had bedreigd en belasterd via Facebook en andere media. Daardoor kon door deze uitlatingen, ook als het zo is dat deze een voorwaardelijk karakter hebben, bij het slachtoffer een redelijke vrees ontstaan dat zij het leven zou kunnen verliezen en dat was kennelijk ook de bedoeling van de verdachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb528b5e0cfb10acbb0178f41e30b69400b983190a015fc480aac6a22c4d7e07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb528b5e0cfb10acbb0178f41e30b69400b983190a015fc480aac6a22c4d7e07, en de alinea staat in dat document op bytes 17946 tot 18600.