Citaat | Rechtbank Limburg 20 november 2020

Onder 11 Rechtbank Limburg 20 november 2020

Een alinea uit Rechtbank Limburg 20 november 2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:9077.

Ik denk dat we ongeveer 100 meter gelopen hadden, toen voelde ik dat de grip van de man wat losser werd. Ondertussen was ik aan het bedenken hoe ik los kon komen. Ik wist dat ik een schaar bij me had, in de tas, bij de vlieger. Ik had die tas in mijn rechterhand, ik was aan het bedenken wat ik met die schaar kon doen. Ik heb daar niets mee gedaan. Op het moment dat de man mij iets losser liet, heb ik met mijn linkerhand naar achteren geslagen. Ik sloeg de man zo hard mogelijk tegen zijn rechterbovenbeen. Tegelijkertijd draaide ik rechtsom een rondje om mijn eigen as. Daardoor kon ik uit de greep van de man loskomen en kon ik wegrennen. Het was ter hoogte van het hek bij die appelboomgaard. Ik ben de Kruisweg afgerend tot ik op de Elkenraderweg kwam. Ik heb nog één keer achterom gekeken. Ik zag dat de man [getuige 6] bleef vasthouden. Ik hoorde [getuige 6] schreeuwen: “ [getuige 5] help me”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7101ee13a70baea9dd3636fdd9b41b1e9514f824cc5e2646a41f5042b0bfc795. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7101ee13a70baea9dd3636fdd9b41b1e9514f824cc5e2646a41f5042b0bfc795, en de alinea staat in dat document op bytes 227499 tot 228421.