Citaat | Rechtbank Limburg 18 december 2020

Onder 3.3 Rechtbank Limburg 18 december 2020

Een alinea uit Rechtbank Limburg 18 december 2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:9977.

Ik had gelukkig toen al dat mes in de handen, ik weerde me nog. Toen haalde hij met een zwaai uit. Ik moest bukken. En toen trapte hij tegen mijn kapotte been aan, nou bij mij ging gewoon het licht uit, ik dacht dat ik weer een hartinfarct kreeg. Ik stond gewoon als op slot. Ik heb alleen nog [medeverdachte 1] kunnen roepen en die is hem toen om de hals gevlogen en heeft hem naar achteren getrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a44bc8eda2497dc7c88590e73127055c83162ebbdaa4b7b30dd8b36f8021aec1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a44bc8eda2497dc7c88590e73127055c83162ebbdaa4b7b30dd8b36f8021aec1, en de alinea staat in dat document op bytes 85742 tot 86157.