Citaat | Rechtbank Limburg 25 april 2022
Onder 14.4. Rechtbank Limburg 25 april 2022
Een alinea uit Rechtbank Limburg 25 april 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:3194.
19. Uit de Memorie van Toelichting op artikel 8, eerste lid, van de Algemene bijstandswet 1996, zijnde de voorloper van het huidige artikel 11, eerste lid, van de PW, blijkt het volgende (Kamerstukken II 1991-1992, 22 545, nr. 3, p. 38): “Nederlanders die zich in het buitenland hebben gevestigd maken evenmin deel uit van de kring van rechthebbenden, zoals blijkt uit de toevoeging «hier te lande» in artikel 8, eerste lid. De bestaande wet bevat in artikel 82 de mogelijkheid om in bepaalde omstandigheden aan een Nederlander in het buitenland bijstand te verlenen; dit is een bevoegdheid van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die eveneens zorg draagt voor de uitvoering. Genoemde mogelijkheid is in dit wetsvoorstel niet meer opgenomen. De herbezinning aangaande de kerntaken van het ministerie in het kader van de Grote Efficiency Operatie heeft geleid tot het voornemen de verlening van bijstand aan Nederlanders in het buitenland met ingang van 1994 te beëindigen. Hierbij is overwogen dat de werkingssfeer van de ABW als rechtscheppende voorziening zich niet dient uit te strekken buiten het Nederlandse grondgebied en dat het niet langer gewenst is op dit uitgangspunt een uitzondering te maken door middel van een kan-bepaling als in het bestaande artikel 82. De ministeriële uitvoeringstaak die aan genoemd artikel is verbonden, past bovendien niet bij de decentrale uitvoering van de ABW en wordt, bij nadere afweging in het kader van genoemde operatie, evenmin beschouwd als een in de toekomst te handhaven taak van de centrale overheid. Een rol speelt verder dat de Nederlandse overheid in de gevallen waarin thans aan Nederlanders in het buitenland bijstand wordt verleend (het gaat hierbij om ongeveer 800 gevallen), nauwelijks invloed kan uitoefenen ter opheffing van de bijstandsafhankelijkheid, terwijl ook de mogelijkheden tot controle op de rechtmatigheid van de uitkeringen naar actuele maatstaven noodzakelijkerwijs tekortschieten. Ten aanzien van de lopende gevallen zal in de Invoeringswet een overgangsregeling worden getroffen, waarbij het uitgangspunt zal gelden dat de bestaande uitkeringen zoveel mogelijk zullen worden voortgezet zolang de noodzaak daartoe aanwezig is. Voor nieuwe gevallen zal gelden dat men bij verlies van de zelfstandige bestaansvoorziening in het buitenland zal zijn aangewezen op de sociale voorzieningen ter plaatse, dan wel dat men terugkeert naar Nederland, waar men dan in principe voor bijstand in aanmerking komt.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08ecb0fdee0c22607001f99bd326273440af60d590e387b208534588537d07bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08ecb0fdee0c22607001f99bd326273440af60d590e387b208534588537d07bc, en de alinea staat in dat document op bytes 28738 tot 31285.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08ecb0fdee0c22607001f99bd326273440af60d590e387b208534588537d07bc | shasum -a 256