Citaat | Rechtbank Limburg 2 november 2026

Onder 9 Rechtbank Limburg 2 november 2026

Een alinea uit Rechtbank Limburg 2 november 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:11847.

Op 4 december 2024 om 00 35 uur, kregen wij de melding van brandstichting. Betrof [adres 3] te Geleen. Wij zagen dat het het bedrijf [bedrijf] betrof. Wij zagen dat het rechterraam vernield was. Wij zagen dat het dubbelglas betrof en dat het voorste raam kapot was. Wij zagen meerdere glasscherven op de grond liggen. Wij zagen dat er een natte plek voor het raam lag op de grond, mogelijk van benzine. Wij roken ook een benzinelucht. Wij zagen dat een krat afgefikt was, deze lag bij de vloeistof en voor het vernielde raam. Voor het vernielde raam stond een varkensrug. Wij zagen dat de varkensrug deels vernield was. Wij spraken omstanders. Wij hoorden dat ze zeiden dat ze een knal hoorden en dat ze daarop gingen kijken. Wij hoorden dat ze zeiden dat ze een brand zagen voor het bedrijfspand [bedrijf] . Daarop hadden zij meteen geschakeld om de brand te blussen. Ik, [naam 23] , bekeek het afgefikte krat. Ik zag dat dit mogelijk een fles wasmiddel was. Ik zag dat iets aan de fles was vastgetaped met ducttape. Ik zag dat er nog een stuk karton opzat. Ik zag een stuk tekst met 'Shel' daarop beschreven. Mogelijk dat hier een Shelbom zat vastgeplakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49f30e15eb0d41cdf234be06804420e771eccbac4f4433cc2ab6d740fa328b24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49f30e15eb0d41cdf234be06804420e771eccbac4f4433cc2ab6d740fa328b24, en de alinea staat in dat document op bytes 86163 tot 87398.