Citaat | Rechtbank Maastricht 23 april 2003

Alinea 45 Rechtbank Maastricht 23 april 2003

Een alinea uit Rechtbank Maastricht 23 april 2003, ECLI:NL:RBMAA:2003:AF7699.

De man voert verweer hetwelk - samengevat en voor zover thans van belang - inhoudt dat de overeenkomst, althans het bepaalde in artikel 5 sub b van het convenant nietig is tengevolge van wilsgebreken, die reeds in de precontractuele sfeer aanwezig waren doordat de vrouw hem toen ermee dreigde ervoor te zullen zorgen dat hij geen enkel contact meer met de kinderen van partijen zou hebben indien hij zou weigeren om de bewuste bepaling in het convenant te laten opnemen. In de ogen van de man kan dat niet anders uitgelegd worden dan dat er sprake is van bedreiging en/of misbruik van omstandigheden als bedoeld in artikel 3:44 BW. Dit maakt dat de vordering moet worden afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8a2ff0003f8bda73144fa06017277abd4586c447ea0df2109a052df9523bc6e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8a2ff0003f8bda73144fa06017277abd4586c447ea0df2109a052df9523bc6e, en de alinea staat in dat document op bytes 10616 tot 11312.