Citaat | Rechtbank Maastricht 6 augustus 2003

Alinea 51 Rechtbank Maastricht 6 augustus 2003

Een alinea uit Rechtbank Maastricht 6 augustus 2003, ECLI:NL:RBMAA:2003:AI0913.

Het standpunt van verweerder zoals dat ter zitting nader is toegelicht, komt in de kern erop neer dat als grondslag voor het bestreden besluit onverminderd blijft gehandhaafd de stelling dat enig causaal verband tussen de gestelde schade en het gebrekkige besluit van 28 mei 1998 niet aanwezig is. Daarbij heeft verweerder de nadruk erop gelegd dat de door eiseres begrote schade berust op een vergelijking van onderhandse vrije verkoopwaarden van vóór en na 1999, welke vergelijking ten onrechte veronderstelt dat als het besluit van 28 mei 1998 niet gebrekkig was geweest, de doorsteek […] niet zou zijn gerealiseerd. Die gedachte moet worden verworpen nu, zo heeft verweerder zijn betoog vervolgd, intussen wel is komen vast te staan dat de gemaakte keuze voor realisering van de gewraakte doorsteek, gelet op de daarvoor gegeven ruimtelijke onderbouwing, tot in hoogste instantie rechtens heeft kunnen standhouden. Niet valt dan ook in te zien welke uitsluitend aan het primaire besluit van 28 mei 1998 toe te rekenen schade voor vergoeding in aanmerking zou behoren te komen, aldus verweerder.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f813cf34643d6b14b5d8f5e54e96ea0b5d71c572d08e3b81815fe9561416f4c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f813cf34643d6b14b5d8f5e54e96ea0b5d71c572d08e3b81815fe9561416f4c5, en de alinea staat in dat document op bytes 27577 tot 28693.