Citaat | Rechtbank Maastricht 28 juni 2006

Alinea 129 Rechtbank Maastricht 28 juni 2006

Een alinea uit Rechtbank Maastricht 28 juni 2006, ECLI:NL:RBMAA:2006:AX9549.

Aangezien op 23 december 2002 was gebleken dat [Eiser] geen krediet kreeg bij Delta Lloyd en [Eiser] niet had gereageerd op de sommatie van [Gedaagde] van 2 januari 2003 om het dekkingstekort van op dat moment circa € 200.000,-- aan te vullen, was [Gedaagde] gerechtigd en zelfs verplicht om aandelen van [Eiser] te verkopen. Ter comparitie heeft [Gedaagde] ter zake nog gesteld dat zij in de eerste plaats op grond van haar pandrecht tot liquidatie bevoegd was en in de tweede plaats op grond van de contractuele kredietrelatie tussen partijen. In de derde plaats was het afbouwen van de debetstanden volgens [Gedaagde] in overeenstemming met artikel 28 NRg 2002.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/116ca40335210687b44adc7d8420e71065acd74e58163c9e1c8772b9fa1b0a60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 116ca40335210687b44adc7d8420e71065acd74e58163c9e1c8772b9fa1b0a60, en de alinea staat in dat document op bytes 45978 tot 46657.