Citaat | Rechtbank Maastricht 28 juni 2006
Alinea 170 Rechtbank Maastricht 28 juni 2006
Een alinea uit Rechtbank Maastricht 28 juni 2006, ECLI:NL:RBMAA:2006:AX9549.
3.9.2 Uit de als productie 15 bij antwoord overgelegde en door [Eiser] bij dagvaarding aangehaalde vermogensspecificatie van 28 juni 2002 blijkt van voornoemde debetstand op de rekening van [Eiser] bij [Gedaagde]. [Gedaagde] noemt de transactie van 21 juni 2002 uitdrukkelijk in haar (eerder aangehaalde) brief van 15 december 2004 en stelt daarin niet verantwoordelijk te zijn voor het nadelige effect dat daarvan het gevolg was, omdat de putopties werden geschreven op 21 juni 2002, derhalve buiten de periode waarover aansprakelijkheid wordt erkend. In de conclusie van antwoord wordt deze stelling in algemene zin herhaald (11.10, (ii) antwoord). [Gedaagde] laat aldus echter onweersproken [Eiser]s stelling dat hij ook deze transacties, gelet op zijn financiële positie en de marginverplichtingen op 21 juni 2002, niet had mogen aangaan. De rechtbank zal daarom uitgaan van de juistheid van [Eiser]s stelling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/116ca40335210687b44adc7d8420e71065acd74e58163c9e1c8772b9fa1b0a60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 116ca40335210687b44adc7d8420e71065acd74e58163c9e1c8772b9fa1b0a60, en de alinea staat in dat document op bytes 68070 tot 68998.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/116ca40335210687b44adc7d8420e71065acd74e58163c9e1c8772b9fa1b0a60 | shasum -a 256