Citaat | Rechtbank Midden-Nederland 8 oktober 2014
Onder 4.8. Rechtbank Midden-Nederland 8 oktober 2014
Een alinea uit Rechtbank Midden-Nederland 8 oktober 2014, ECLI:NL:RBMNE:2014:4558.
De rechtbank oordeelt dat, gelet op alle hiervoor vermelde feiten en omstandigheden, het naar maatstaven van redelijkheid en de billijkheid onaanvaardbaar is dat het uitgekeerde bedrag aan [gedaagde] toekomt. Uit de hiervoor vastgestelde feiten en omstandigheden kan immers slechts worden afgeleid dat (a) [gedaagde] en [A] het oog hebben gehad op het toedelen van de rechten op de polis aan [A] in ruil voor de toedeling van de recreatiewoning aan [gedaagde] en (b) dat de objectief vastgestelde handelingen van [A] waren gericht op het doen samenvloeien van zijn vermogen met dat van [eiseres], gezien het aangaan van het geregistreerd partnerschap van deze twee personen, zonder het aangaan van partnerschapsvoorwaarden. Indien [gedaagde] de uitkering zou mogen behouden, zou dat ertoe leiden dat in weerwil van deze objectief vastgestelde feiten aan [gedaagde] enig bedrag zou toekomen, dat op grond van die feiten aan haar niet toebehoort. Daar komt nog het volgende bij.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7e53cc216ac6522ac1a9d499351ef44db6a3ea2af494bfd71c46b2a5ade76cf8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7e53cc216ac6522ac1a9d499351ef44db6a3ea2af494bfd71c46b2a5ade76cf8, en de alinea staat in dat document op bytes 24142 tot 25131.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7e53cc216ac6522ac1a9d499351ef44db6a3ea2af494bfd71c46b2a5ade76cf8 | shasum -a 256