Citaat | Rechtbank Midden-Nederland 12 februari 2014

Onder 4.1 Rechtbank Midden-Nederland 12 februari 2014

Een alinea uit Rechtbank Midden-Nederland 12 februari 2014, ECLI:NL:RBMNE:2014:509.

Op 14 januari 2013 wordt verdachte nader over de conference call gehoord. Hij verklaart dan de exacte locaties en tijdstippen niet meer te weten. Vervolgens krijgt verdachte de beschikking over het voorgeleidings- en raadkamerverbaal. Daarin staat onder meer beschreven dat met de telefoon van verdachte op 2 juli 2012 om 10:02 uur is gebeld met een gespreksduur van 41 seconden en dat om 10:04 uur wederom is gebeld met het toestel van verdachte, ditmaal met een gespreksduur van 655 seconden (bijna elf minuten). Beide keren heeft de telefoon een paallocatie in de buurt van de woning van verdachte aangestraald. In de raadkamer gevangenhouding van 24 januari 2013 wordt aan deze gegevens ook aandacht besteed. In het verhoor van 14 februari 2013 verklaart verdachte vervolgens dat hij de conference call voor zijn woning in de auto heeft gevoerd en dat hij toen ook vanuit de auto heeft ingelogd op zijn thuis-wifi. Hij is niet de woning binnengegaan, aldus verdachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18ed00a30886451722a0076b7cedc6a314fd28b0fc657968c3f07e67e53f2d53. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18ed00a30886451722a0076b7cedc6a314fd28b0fc657968c3f07e67e53f2d53, en de alinea staat in dat document op bytes 29795 tot 31035.