Citaat | Rechtbank Midden-Nederland 10 februari 2015
Alinea 49 Rechtbank Midden-Nederland 10 februari 2015
Een alinea uit Rechtbank Midden-Nederland 10 februari 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:911.
13. De rechtbank overweegt, in aansluiting bij de hiervoor genoemde uitspraak van de ABRS van 1 oktober 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3556, dat de Lsv voortgekomen is uit de autonome verordenende bevoegdheid, op grond waarvan Provinciale Staten zelf toetsingskaders kunnen vaststellen en kunnen bepalen voor welke zaken of activiteiten al dan niet vergunning of ontheffing wordt verleend. In die uitspraak heeft de ABRS bepaald dat met (artikel 3 van) de Lsv van doorkruising van de Wabo geen sprake was. Anders dan in dat geval heeft eiser hier wel nader toegelicht op grond waarvan naar zijn mening de Lsv in strijd is met en een doorkruising vormt van de Wro. De rechtbank volgt eiser hierin echter niet. Voor dat oordeel is doorslaggevend dat artikel 17 van de Lsv geldt voor het landelijk gebied van de provincie en is gericht op het realiseren van uniformiteit voor dit gehele gebied als het gaat om de kwaliteit van het landschap en natuurwetenschappelijke, cultuurhistorische en archeologische waarden; blijkens de toelichting ter zitting moet daarbij met name gedacht worden aan behoud of verbetering van de schoonheid van landschap en niet een vorm van het ordenen van het gebruik van de ruimte voor verschillende functies. Verweerder heeft ter zitting verder toegelicht dat wanneer dergelijke regels in bijvoorbeeld een provinciaal inpassingsplan dan wel de PRV worden neergelegd, hij voor handhaving van overtreding van die regels afhankelijk is van de inzet en prioritering van gemeenten. Daarmee bestaat het gevaar dat de beoogde doelen en de gewenste uniformiteit niet verwezenlijkt worden. De rechtbank is van oordeel dat verweerder hiermee een zelfstandig aan te wijzen motief heeft bij het verbod van artikel 17 van de Lsv, dat afwijkt van het motief dat ten grondslag ligt aan de Wro en de daarop gebaseerde regelingen. De rechtbank kan eiser dan ook niet volgen in zijn stelling dat Provinciale Staten in deze niet het meest geschikte overheidsorgaan zou zijn. Gelet op het voorgaande is geen sprake van een onaanvaardbare doorkruising van hogere regelgeving, en in het verlengde daarvan van een situatie als beschreven in artikel 118 en 119 van de Provinciewet, op grond waarvan artikel 17 van de Lsv onverbindend moet worden geacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6eaec4aecfa115511af9af2a77e464b6868eae20331010440a9b87a27f607619. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6eaec4aecfa115511af9af2a77e464b6868eae20331010440a9b87a27f607619, en de alinea staat in dat document op bytes 22778 tot 25039.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6eaec4aecfa115511af9af2a77e464b6868eae20331010440a9b87a27f607619 | shasum -a 256