Citaat | Rechtbank Midden-Nederland 19 augustus 2016

Alinea 27 Rechtbank Midden-Nederland 19 augustus 2016

Een alinea uit Rechtbank Midden-Nederland 19 augustus 2016, ECLI:NL:RBMNE:2016:4682.

11. Eiseres heeft verder aangevoerd dat niet in te zien valt op grond waarvan openbaarmaking van correspondentie tussen de UvA en verweerder, mede in het licht van de bij de civiele rechter aanhangige zaak, de UvA onevenredig zou benadelen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich voor de meeste documenten die in deze categorie vallen (documenten 95 tot en met 159) in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het belang van het voorkomen van onevenredige benadeling in dit geval zwaarder weegt dan het belang van openbaarheid. Volgens vaste jurisprudentie van de ABRvS kan artikel 10, tweede lid, aanhef en onder g, van de Wob, ook het belang van het voorkomen van onevenredige benadeling van een partij met het oog op zijn procespositie beschermen. Naar het oordeel van de rechtbank kan de informatie, neergelegd in de documenten 117, 123, 125 tot en met 131, 134, 136, 137, 141 tot en met 145, 147, 150, 151, 153, 154, 158, 159, 189 en 197 in de aanhangige civiele procedure ten nadele van de UvA worden aangewend. Verweerder heeft openbaarmaking van deze documenten op deze grond dan ook kunnen weigeren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed5bced8634efa2ae445ec9e57126e0e3b3565d3981ad91f3dbb26787e7d92ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed5bced8634efa2ae445ec9e57126e0e3b3565d3981ad91f3dbb26787e7d92ae, en de alinea staat in dat document op bytes 22690 tot 23837.