Citaat | Rechtbank Noord-Holland 6 november 2013
Onder 4.9. Rechtbank Noord-Holland 6 november 2013
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 6 november 2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:11321.
Eiseressen stellen zich op het standpunt dat de omstandigheid dat verweerder stelt dat de transacties geen reële betekenis hadden, geen nieuw feit is maar een conclusie of kwalificatie die kennelijk is gebaseerd op voortschrijdend inzicht. Bovendien beschikte verweerder ten tijde van het opleggen van de primitieve aanslagen al over zoveel en zodanige informatie dat verweerder op die tijdstippen redelijkerwijze bekend had kunnen zijn met alle feiten en omstandigheden die hij thans relevant acht en waarop de diverse aan eiseressen opgelegde navorderingsaanslagen zijn gebaseerd. In dit kader verwijzen eiseressen naar de correspondentie en de telefonische contacten tussen verweerder en eiseressen in de periode vanaf september 2006 tot begin 2010, beschreven in bijlage R6 bij de conclusie van repliek.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45b72e8644058b40b7831289add02c76dc7ecd2cc8a10adf5555ef81f87ac132. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45b72e8644058b40b7831289add02c76dc7ecd2cc8a10adf5555ef81f87ac132, en de alinea staat in dat document op bytes 72461 tot 73282.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/45b72e8644058b40b7831289add02c76dc7ecd2cc8a10adf5555ef81f87ac132 | shasum -a 256