Citaat | Rechtbank Noord-Holland 6 november 2013

Onder 4.24. Rechtbank Noord-Holland 6 november 2013

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 6 november 2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:11321.

Met betrekking tot eiseres 10 is de rechtbank van oordeel dat verweerder onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij transacties is aangegaan waarvan gezegd kan worden dat zij in strijd zijn met enige wettelijke bepaling of regeling. Verweerder heeft slechts weergegeven dat de winsten in eiseres 10 ontstonden door vorderingen die in deze vennootschap rendeerden. Na de inbreng van eiseres 10 in de [A BEDRIJF] is eiseres 10 leningen aangegaan waaruit rentekosten voortkwamen. Deze rentekosten zijn door eiseres 10 afgezet tegen de winsten uit de vorderingen. Dat, en op welke wijze, het aangaan van de renteverplichtingen in strijd is met de Wet Vpb heeft verweerder onvoldoende onderbouwd. Dat eiseres 10 de transacties in aangegaan met als doorslaggevende beweegreden belasting te besparen op zodanige wijze dat daarmee in strijd wordt gekomen met doel en strekking van de wet, heeft verweerder evenmin aannemelijk gemaakt. Gelet hierop dient verweerder met betrekking tot de (navorderings)aanslagen ten name van eiseres 10 in het ongelijk te worden gesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45b72e8644058b40b7831289add02c76dc7ecd2cc8a10adf5555ef81f87ac132. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45b72e8644058b40b7831289add02c76dc7ecd2cc8a10adf5555ef81f87ac132, en de alinea staat in dat document op bytes 89597 tot 90674.