Citaat | Rechtbank Noord-Holland 20 juni 2013

Onder 8.4 Rechtbank Noord-Holland 20 juni 2013

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 20 juni 2013, ECLI:NL:RBNHO:2013:5658.

De rechtbank overweegt dat verweerder er in het bestreden besluit geen blijk van heeft gegeven dat het hiervoor onder 8.3 aangehaalde toetsingskader van toepassing is bij deze herziening van een definitieve beschikking in het nadeel van belanghebbende. Dit heeft verweerder ter zitting ook erkend. Verder blijkt uit het bestreden besluit niet hoe het in het eerste lid van artikel 21 van de Awir bepaalde is beoordeeld. Daarbij is in aanmerking genomen dat de herziening op grond van artikel 21 van de Awir een bevoegdheid en geen verplichting betreft, en ook een herziening op grond van dit artikel kan leiden tot een terug te vorderen bedrag. Daarvan, en ook van de daarbij behorende belangenafweging, geeft het bestreden besluit geen blijk. Ook hierom kan het bestreden besluit geen stand houden en de rechtbank ziet hierin ook een grond voor vernietiging van dit deel van het bestreden besluit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eccef11dcb2d7215264aff995824d73832f172c059adfb3c2626a5a64f7390d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eccef11dcb2d7215264aff995824d73832f172c059adfb3c2626a5a64f7390d6, en de alinea staat in dat document op bytes 19960 tot 20872.