Citaat | Rechtbank Noord-Holland 16 november 2016
Onder 3 Rechtbank Noord-Holland 16 november 2016
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 16 november 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:10315.
36. De rechtbank is van oordeel dat verweerder aannemelijk heeft gemaakt dat eiser in 1996 relatief omvangrijke inkomsten heeft genoten die niet zijn aangegeven. Eiser heeft in februari 1996 immers nog een deelbetaling van fl 538.000 ontvangen voor de transactie in het daaraan voorafgaande jaar, welk bedrag hij – indachtig het hiervoor geldende kasstelsel – had dienen te vermelden in de aangifte. Er is geen aanleiding om een lager bedrag in aanmerking te nemen, nu – anders dan eiser heeft bepleit – het in 1996 niet mogelijk was een voorziening te vormen. Voorts is er geen aanleiding om het bedrag wegens vermeende samenloop met de ontnemingsprocedure buiten aanmerking te laten. De rechtbank verwijst in dit verband naar hetgeen zij hiervoor ten aanzien van de aanslag ib/pvv 1995 heeft overwogen (onderdelen 31 en 32 van deze uitspraak). Door de ontvangen deelbetaling niet in de aangifte te vermelden is naar het oordeel van de rechtbank zowel absoluut als relatief sprake van een aanzienlijk te lage aangifte.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd94cd33d0dc497864680c07431326e8c05aa6b0cc418a41c0aed0cdec0fe551. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd94cd33d0dc497864680c07431326e8c05aa6b0cc418a41c0aed0cdec0fe551, en de alinea staat in dat document op bytes 44912 tot 45952.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd94cd33d0dc497864680c07431326e8c05aa6b0cc418a41c0aed0cdec0fe551 | shasum -a 256