Citaat | Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016

Alinea 65 Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:2383.

25. De wetgever heeft bewust gekozen voor de WOZ-waarde als grondslag voor de heffing. De achtergrond van deze keuze is gelegen in het streven naar eenduidige, objectieve wetgeving die door alle betrokkenen efficiënt kan worden uitgevoerd. De rechtbank stelt voorop dat het aan de wetgever is om de heffingsgrondslag te bepalen. Het staat de rechter op grond van artikel 120 van de Grondwet en artikel 11 van de Wet algemeene bepalingen dan ook niet vrij om de innerlijke waarde of billijkheid van de wet te beoordelen. Dit betekent dat het de rechtbank niet is toegestaan de Wet als zodanig te toetsen, behoudens voor zover deze in strijd zou zijn met een ieder verbindende verdragsbepalingen. Nu gesteld noch gebleken is dat hiervan sprake is, is de rechtbank van oordeel dat de wetgever de WOZ-waarde als maatstaf voor de verhuurderheffing heeft kunnen hanteren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/186d114108d3677d365c442908f65edf6ee204f82646c6bb7d2ef9d250dc30ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 186d114108d3677d365c442908f65edf6ee204f82646c6bb7d2ef9d250dc30ae, en de alinea staat in dat document op bytes 31301 tot 32181.