Citaat | Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016
Onder 3.3.1 Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:2749.
De vrouw stelt vervolgens dat de rechtbank bevoegd is op grond van proceseconomische redenen. Dat in artikel 3 Brussel II-bis niet is uitgegaan van de verblijfplaats ten tijde van indiening van het verzoekschrift maar van de verblijfplaats zes maanden voor de indiening is slechts ingegeven door de wens een verweerder te beschermen tegen het aanhangig maken van scheidingszaken voor gerechten waarmee verweerder geen enkele band heeft en de verzoeker hooguit een fictieve band. Hiervan is in dit geval echter geen sprake, aldus de vrouw.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c31418fec933543978a2d05515d9b047b2c4125292c72c11fc327b97f79541b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c31418fec933543978a2d05515d9b047b2c4125292c72c11fc327b97f79541b9, en de alinea staat in dat document op bytes 20835 tot 21387.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c31418fec933543978a2d05515d9b047b2c4125292c72c11fc327b97f79541b9 | shasum -a 256