Citaat | Rechtbank Noord-Holland 8 januari 2016

Onder 5.15. Rechtbank Noord-Holland 8 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 8 januari 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:66.

Connexxion verzoekt de arbeidsovereenkomst voorwaardelijk te ontbinden ‘in het subsidiaire geval dat de arbeidsovereenkomst met [de werknemer] nog blijft bestaan’. Uit hetgeen hiervoor is overwogen, volgt dat in de zaak met betrekking tot het ontslag op staande voet een bewijsopdracht is gegeven en nog geen beslissing wordt genomen. Dat betekent dat van een vernietiging van een ontslag op staande voet thans geen sprake is en de voorwaarde waaronder Connexxion haar verzoek heeft ingediend, dus (nog) niet is vervuld. Dat betekent dat de beslissing op het verzoek van Connexxion zal worden aangehouden totdat op het verzoek van [de werknemer] tot vernietiging van het ontslag op staande voet is beslist. De kantonrechter ziet te meer reden voor aanhouding van het verzoek om voorwaardelijke ontbinding, omdat de daaraan door Connexxion ten grondslag gelegde feiten in wezen identiek zijn aan de door Connexxion aangevoerde dringende reden voor het ontslag op staande voet. Dit brengt mee dat ook een inhoudelijk oordeel over de voorwaardelijke ontbinding pas kan worden gegeven nadat bewijslevering in het kader van de zaak over het ontslag op staande voet heeft plaatsgevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76767e9ff8710c0fc893b2831ad77e9087dfb393c279d03afcb3fe8d2e2b02bf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76767e9ff8710c0fc893b2831ad77e9087dfb393c279d03afcb3fe8d2e2b02bf, en de alinea staat in dat document op bytes 28968 tot 30167.