Citaat | Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016

Onder 4.5. Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 6 april 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:6708.

Dat sprake zou zijn van bedrog is gesteld noch gebleken. Rollecate lijkt zich te beroepen op willekeur. De in de opschortende voorwaarde van de tweede bankgarantie genoemde betalingstermijnen zouden geen zelfstandige betekenis hebben, aldus Rollecate. Dit zou ook blijken uit het vonnis dat is gewezen tussen Rollecate en Rabobank (vonnis rechtbank Overijssel d.d. 11 november 2015). Die stelling van Rollecate faalt. Nog daargelaten dat beslissingen in de zaak tussen Rollecate en Polux geen werking hebben in de zaak tussen Rollecate en Rabobank, overweegt de rechtbank dat - kennelijk op voorspraak van Polux - in de bankgarantie een opbouwschema is opgenomen in de vorm van een opschortende voorwaarde. Aangenomen mag worden dat de tijdigheid van de genoemde betalingen een voorwaarde van Polux was. Dat zij belang heeft bij tijdige betalingen door Rollecate is evident. Van willekeur aan de zijde van Polux of Rabobank is derhalve geen sprake. Dat de rechter in de zaak tussen Rollecate en Polux heeft geoordeeld dat Rollecate jegens Polux niet in verzuim was met haar betalingsverplichting en dat Polux op haar beurt wel toerekenbaar tekort is geschoten jegens Rollecate, doet aan het voorgaande niet af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af8bfe14afc73c29da4c9deeeda0bc035e8a77b9167ebefb15d537865c805320. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af8bfe14afc73c29da4c9deeeda0bc035e8a77b9167ebefb15d537865c805320, en de alinea staat in dat document op bytes 22317 tot 23540.