Citaat | Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2016

Onder 4.6.2. Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:944.

Volgens [Achternaam gedaagde] is dat echter hier niet het geval omdat dit in strijd zou zijn met de beginselen van artikel 6 EVRM. De rechtbank overweegt hierover dat een lang tijdsverloop op zich niet in de weg staat aan onverkorte toepassing van de verzettermijn van, in dit geval, 14 dagen. Echter, hoewel [Achternaam eiser] er uiteraard belang bij heeft dat door de tenuitvoerlegging het bij verstek gewezen vonnis onherroepelijk wordt, moet dit belang afgewogen worden tegenover het zwaarwegende belang dat [Achternaam gedaagde] heeft om haar verweer aan de rechter te kunnen voorleggen. Het belang van [Achternaam eiser] mag niet in zoverre voorrang krijgen dat het recht van [Achternaam gedaagde] op toegang tot de rechter in de kern wordt aangetast.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9c6cf478b3c308944324890f2d380191350d9d30aa26a7e5f3817036767ae0cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9c6cf478b3c308944324890f2d380191350d9d30aa26a7e5f3817036767ae0cf, en de alinea staat in dat document op bytes 24820 tot 25591.