Citaat | Rechtbank Noord-Holland 11 december 2018

Onder 4.3.3 Rechtbank Noord-Holland 11 december 2018

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 11 december 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:10749.

Gelet op het totaalbeeld van de plaats delict waarbij op diverse plaatsen bloed afkomstig van [slachtoffer] is aangetroffen en waarbij een sleepspoor met daarin bloed zichtbaar is geweest van de stoep richting het water van de Noordervaldeursloot, alsmede de wijze waarop [slachtoffer] in dit water is aangetroffen, is de rechtbank van oordeel dat moet worden geconcludeerd dat het levensdelict kort op het zedendelict heeft plaatsgevonden. De omstandigheid dat [slachtoffer] is aangetroffen zonder broek aan – welke afzonderlijk in het water is gevonden – met haar slipje afgestroopt tot halverwege haar bovenbenen, duidt er immers op dat [slachtoffer] geen mogelijkheid heeft gehad haar slipje en/of broek weer aan te trekken nadat zij was verkracht. De rechtbank is dan ook van oordeel dat het zeden- en levensdelict bij elkaar horen als een samenhangend complex van handelingen. Dit rechtvaardigt de conclusie dat de aangetroffen spermasporen, toebehorende aan verdachte, eveneens dadersporen zijn met betrekking tot het levensdelict. De conclusie luidt dan ook dat verdachte degene is geweest die [slachtoffer] heeft verkracht en gedood.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9756dff067b9ea282d7f29ba03680cc6ba5f7f92892d5126dd9ceb5932ae745. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9756dff067b9ea282d7f29ba03680cc6ba5f7f92892d5126dd9ceb5932ae745, en de alinea staat in dat document op bytes 57962 tot 59121.