Citaat | Rechtbank Noord-Holland 11 december 2018

Onder 4.2 Rechtbank Noord-Holland 11 december 2018

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 11 december 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:10749.

Het aantreffen van het sperma van verdachte in het lichaam van [slachtoffer] kan aldus worden verklaard door een ontmoeting tussen haar en verdachte op 5 of 6 juni 1992, waarbij vrijwillige seks heeft plaatsgevonden. In combinatie met het feit dat het slachtoffer vermoedelijk ettelijke uren in het water heeft gelegen voordat de bemonstering is gedaan, acht de raadsman het aannemelijk dat het spermaspoor dat aan verdachte wordt toegeschreven, en dat is aangetroffen op en rond de vagina en op de anus nadat het slachtoffer uit het water is gehaald, het resultaat kan zijn van een (vaginale) zaadlozing van verdachte, die heeft plaatsgevonden in de dagen voorafgaand aan het aantreffen van haar lichaam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9756dff067b9ea282d7f29ba03680cc6ba5f7f92892d5126dd9ceb5932ae745. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9756dff067b9ea282d7f29ba03680cc6ba5f7f92892d5126dd9ceb5932ae745, en de alinea staat in dat document op bytes 43558 tot 44277.