Citaat | Rechtbank Noord-Holland 20 april 2018
Onder 5.2. Rechtbank Noord-Holland 20 april 2018
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 20 april 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:3121.
De kantonrechter zal [werkneemster] niet-ontvankelijk verklaren in haar verzoek betreffende de gestelde koopovereenkomst. Op grond van artikel 7:686a lid 3 BW kunnen in gedingen die op het in, bij of krachtens afdeling 9 van titel 7.10 van het Burgerlijk Wetboek zijn gebaseerd, daarmee verband houdende andere vorderingen worden ingediend. Wat betreft het verzoek ten aanzien van de gestelde koopovereenkomst is van een dergelijk verband naar het oordeel van de kantonrechter onvoldoende sprake.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed17bee9b6db2c017b339270f22a2ad70fe1ceaeef6ce95bd0b2019dc3e4bd36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed17bee9b6db2c017b339270f22a2ad70fe1ceaeef6ce95bd0b2019dc3e4bd36, en de alinea staat in dat document op bytes 22832 tot 23341.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ed17bee9b6db2c017b339270f22a2ad70fe1ceaeef6ce95bd0b2019dc3e4bd36 | shasum -a 256