Citaat | Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2020
Onder 56.3. Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2020
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:807.
61. Zoals verweerder zelf ook heeft verwoord in onder meer zijn verweerschrift (onderdelen 6.1c.3a, 6.1c.4a en 6.1c.5a) en in zijn conclusie van dupliek (p. 9, @23-24 en @25-27), gaat hij uit van een materiële beoordeling van de criteria voor de deelnemerschapslening en niet van een beoordeling op basis van de voorwaarden zoals vastgelegd in de (afzonderlijke) overeenkomsten. Gelet op bovenstaand arrest is deze benadering in zijn algemeenheid niet toegestaan. Voorts is geen sprake van zodanige feiten en omstandigheden dat in het onderhavige geval hierop een uitzondering moet worden gemaakt. Aan bedingen in de Intercompany Loan Agreements kan niet worden voorbijgegaan op de grond dat daaraan geen afzonderlijke betekenis moet worden toegekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/786d829613f8e665551e606e38ba63346db644a9c7581c02e24f85d05299cbef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 786d829613f8e665551e606e38ba63346db644a9c7581c02e24f85d05299cbef, en de alinea staat in dat document op bytes 141568 tot 142333.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/786d829613f8e665551e606e38ba63346db644a9c7581c02e24f85d05299cbef | shasum -a 256