Citaat | Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2020
Onder 56.3. Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2020
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 10 februari 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:807.
62. Uit het hiervoor overwogene volgt dat niet wordt voldaan aan twee van de genoemde drie criteria voor de aanwezigheid van een deelnemerschapslening. Weliswaar is niet in geschil dat de achtergestelde leningen zijn achtergesteld op alle concurrente schuldeisers, maar niet is voldaan aan de criteria dat de vergoeding voor de geldverstrekking afhankelijk is van de winst en dat de schuld geen vaste looptijd heeft. Daarom kan niet worden gezegd dat de achtergestelde leningen onder zodanige voorwaarden zijn aangegaan dat deze feitelijk functioneren als eigen vermogen van eiseres en is geen sprake van deelnemerschapsleningen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/786d829613f8e665551e606e38ba63346db644a9c7581c02e24f85d05299cbef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 786d829613f8e665551e606e38ba63346db644a9c7581c02e24f85d05299cbef, en de alinea staat in dat document op bytes 142357 tot 142999.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/786d829613f8e665551e606e38ba63346db644a9c7581c02e24f85d05299cbef | shasum -a 256