Citaat | Rechtbank Noord-Holland 26 april 2023

Onder 3.3 Rechtbank Noord-Holland 26 april 2023

Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 26 april 2023, ECLI:NL:RBNHO:2023:3856.

De rechtbank overweegt dat uit de enkele omstandigheid dat de gebruiker van het account Lowerblow op verzoek van [medeverdachte 2] een observant naar Bergen aan Zee heeft gestuurd, niet zonder meer kan worden afgeleid dat hij ook wist dat daar zou worden geprobeerd het slachtoffer te ontvoeren. Dit volgt evenmin uit de inhoud van de ANOM-berichten, nu daarin op geen enkele manier wordt gerefereerd aan een geplande ontvoering en ook niet wordt gesproken over het doel van de observatie of wat er stond te gebeuren. Andere bewijsmiddelen op grond waarvan kan worden vastgesteld dat Lowerblow op de hoogte was het ontvoeringsplan, zijn niet voorhanden. Hoewel de rechtbank wil aannemen dat Lowerblow, gelet op de hiervoor vastgestelde feiten en omstandigheden, moet hebben geweten dat er een gebeurtenis met een crimineel karakter ophanden was, is dat zodanig onbepaald en niet concreet dat dit onvoldoende is voor het oordeel dat hij wist (opzet) of bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard (voorwaardelijk opzet) dat de door hem geboden hulp zou leiden tot het behulpzaam zijn bij een poging tot wederrechtelijke vrijheidsberoving van het slachtoffer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f29b8d4e70a39931ff8c94513a62c6aebf15c55132d498466f3e3a74a065a44f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f29b8d4e70a39931ff8c94513a62c6aebf15c55132d498466f3e3a74a065a44f, en de alinea staat in dat document op bytes 17738 tot 18909.