Citaat | Rechtbank Noord-Holland 2 november 2026
Onder 3.3.1. Rechtbank Noord-Holland 2 november 2026
Een alinea uit Rechtbank Noord-Holland 2 november 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:14870.
Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen wat de verdachte onder feit 4, tweede gedachtestreepje, ten laste is gelegd. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken. De rechtbank overweegt daartoe dat de verdachte weliswaar heeft bekend dat hij in de ten laste gelegde periode meerdere keren TATP heeft opgeslagen, vervaardigd en gebruikt, maar dat deze bekennende verklaring niet wordt ondersteund door overige bewijsmiddelen in het dossier. Evenmin is onder de verdachte TATP aangetroffen. Op grond van artikel 341, vierde lid, in samenhang gelezen met 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering kan het bewijs dat de verdachte het feit heeft begaan niet uitsluitend berusten op de verklaring van de verdachte. Daarom volgt partieel vrijspraak van feit 4.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0772ad71642086c3d06102d6a06b17daf31e45ccf47054a201e8290d27fd7129. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0772ad71642086c3d06102d6a06b17daf31e45ccf47054a201e8290d27fd7129, en de alinea staat in dat document op bytes 10997 tot 11801.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0772ad71642086c3d06102d6a06b17daf31e45ccf47054a201e8290d27fd7129 | shasum -a 256