Citaat | Rechtbank Noord-Nederland 19 februari 2015
Alinea 176 Rechtbank Noord-Nederland 19 februari 2015
Een alinea uit Rechtbank Noord-Nederland 19 februari 2015, ECLI:NL:RBNNE:2015:656.
Op 20 juli 2013 is medeverdachte aan het begin van de avond met haar twee zoons naar boven gegaan. Ze heeft [slachtoffer] bij verdachte achtergelaten, terwijl ze hem kort daarvoor een honkbalknuppel had zien pakken, die hij vaker bij het mishandelen van [slachtoffer] had gebruikt. Vlak daarvoor had ze verdachte tegen [slachtoffer] horen zeggen “Je mag wel vast afscheid nemen van je moeder en je broertjes.” Medeverdachte heeft op de bovenverdieping meegekregen dat [slachtoffer] urenlang werd afgetuigd. Ze hoorde [slachtoffer] krijsen, schreeuwen, huilen en gillen. Ze hoorde dat [verdachte] een knuppel en een of meer andere voorwerpen gebruikte. Medeverdachte heeft tijdens deze urenlange mishandelingen, die uiteindelijk tot de dood van [slachtoffer] hebben geleid, niet ingegrepen. Ze heeft ook niet ingegrepen toen verdachte op een bepaald moment boven kwam en haar meedeelde “Ik ben er zat van. Ik maak er een eind aan.” De mishandelingen zijn vervolgens nog geruime tijd doorgegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb53cd682a6a19747f7fa9142f5c872d88b24eba0d482156fbb50d8d9a374728. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb53cd682a6a19747f7fa9142f5c872d88b24eba0d482156fbb50d8d9a374728, en de alinea staat in dat document op bytes 29874 tot 30888.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb53cd682a6a19747f7fa9142f5c872d88b24eba0d482156fbb50d8d9a374728 | shasum -a 256