Citaat | Rechtbank Noord-Nederland 12 juli 2016
Onder 7.1 Rechtbank Noord-Nederland 12 juli 2016
Een alinea uit Rechtbank Noord-Nederland 12 juli 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:3373.
De rechtbank overweegt vervolgens dat de kern van het geschil dat partijen verdeeld houdt, is terug te voeren op de uitleg van het begrip 'onderneming' uit de wettekst van artikel 15, eerste lid, onderdeel b van de Wet BRV. Verweerder verdedigt in dit verband het standpunt dat hiermee slechts een objectieve onderneming in de zin van de Wet IB 2001 wordt bedoeld, die ook als zodanig wordt erkend voor en betrokken in de heffing van de inkomstenbelasting, en waaraan dus ook een subjectieve IB-ondernemer/natuurlijk persoon is verbonden (een IB-onderneming). Ingeval de rechtbank dit standpunt zou honoreren, is het pleit beslecht ten nadele van eiser, aangezien buiten kijf staat dat de overgedragen onroerende zaken in casu niet tot (het vermogen van) een dergelijke IB-onderneming behoorden, maar tot het vermogen van een besloten vennootschap.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c8cc7f49c10ba11583633b16d5ccf411289219837ebf0b4e8dde050078002b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c8cc7f49c10ba11583633b16d5ccf411289219837ebf0b4e8dde050078002b6, en de alinea staat in dat document op bytes 24388 tot 25249.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3c8cc7f49c10ba11583633b16d5ccf411289219837ebf0b4e8dde050078002b6 | shasum -a 256