Citaat | Rechtbank Noord-Nederland 3 februari 2016

Onder 5.15. Rechtbank Noord-Nederland 3 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Nederland 3 februari 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:397.

Volgens [gedaagde] was [eiser 1] al vóór het vertrek naar Costa Rica gemachtigd om de betreffende bankrekening te beheren en beschikte zij over de pas en de overschrijvingsformulieren. Bankafschriften werden naar het adres van [eiser 1] verzonden. [gedaagde] heeft in reactie op de stellingen van [eisers c.s.] een verklaring van de heer [B] overgelegd, waaruit blijkt dat [gedaagde] enige tijd op zijn adres in Nieuwegein heeft gelogeerd en daar nooit post van de gezamenlijke rekening is ontvangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/918456e9c34c95ff0b3623f73690200cab4a5e643b1f7d68f0fc5db8cc1d3377. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 918456e9c34c95ff0b3623f73690200cab4a5e643b1f7d68f0fc5db8cc1d3377, en de alinea staat in dat document op bytes 33060 tot 33575.