Citaat | Rechtbank Noord-Nederland 30 november 2016

Onder 2.13. Rechtbank Noord-Nederland 30 november 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Nederland 30 november 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:5331.

De door [eiser] gevorderde schadebedragen van (2 x € 17.600,00 =) € 35.200,00 en die van € 3.960,00 zullen worden afgewezen. Daartoe wordt overwogen dat onvoldoende onderbouwd is gesteld dat [eiser] inkomstenderving heeft geleden. Wat er ook zij van de gestelde wachttijd en extra reistijd, onvoldoende gesteld of gebleken is dat [eiser] in die tijd daadwerkelijk opdrachten bij zijn klanten heeft misgelopen waardoor hij zijn uurtarief niet in rekening zou hebben kunnen brengen. Het had op de weg van [eiser] gelegen zijn vordering - mede gelet op de betwisting ervan - nader te onderbouwen, bijvoorbeeld door overlegging van bewijsstukken waaruit zou blijken dat hij daadwerkelijk opdrachten heeft misgelopen en niet heeft kunnen uitvoeren ten gevolge van het tekortschieten van ABD in de nakoming van haar verplichtingen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac5f4ad8e786e1c7aa109df51dde50de7429a234750b51bd64ab18b822efd2d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac5f4ad8e786e1c7aa109df51dde50de7429a234750b51bd64ab18b822efd2d1, en de alinea staat in dat document op bytes 26326 tot 27170.