Citaat | Rechtbank Noord-Nederland 24 februari 2016

Onder 3.2. Rechtbank Noord-Nederland 24 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Noord-Nederland 24 februari 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:716.

[A] heeft - zakelijk weergegeven - het volgende aan zijn verzoek ten grondslag gelegd. Er is geen sprake van een dringende reden voor ontslag op staande voet. Op de werkgeversbijeenkomst in december 2014 heeft [naam VOF] haar werkwijze met [leidinggevende A] besproken en [leidinggevende A] heeft toen aangegeven het een uitstekend plan te vinden dat [A] [naam VOF] terzijde zou staan. [leidinggevende A] verstrekte verder aan [naam VOF] een USB-stick met daarop alle wijzigingen vanuit UWV voor het jaar 2015. Gelet hierop valt niet in te zien hoe UWV [A] thans kan verwijten dat hij [naam VOF] informatie heeft verstrekt. UWV is in dezen ook niet consequent. Er worden namelijk veelvuldig door UWV vertrouwelijke gegevens over uitkeringsgerechtigden aan derden gezonden teneinde te trachten uitkeringsgerechtigden aan werk te helpen. [A] heeft slechts geanonimiseerde lijsten beoordeeld om dezelfde match tussen uitkeringsgerechtigden en werkgevers te bereiken. Door het verstrekken van de gegevens aan [naam VOF] probeerde [A] namelijk een ingang te krijgen bij de werkgevers die cliënt waren van [naam VOF] om zo mogelijkheden te creëren voor uitkeringsgerechtigden. Hij heeft derhalve gegevens verstrekt aan [naam VOF] in het kader van zijn functie. Uit de verklaring van [B] en [C] van [naam VOF] , die [A] ter adstructie van zijn verzoek heeft overgelegd, blijkt dat [A] niet voor eigen geldelijk gewin heeft gehandeld en dat hij geen geld van [naam VOF] heeft ontvangen voor het beoordelen van datalijsten ten behoeve van [naam VOF] . UWV verwijt [A] voorts ten onrechte dat hij geen toestemming heeft gevraagd voor zijn onderneming [handelsnaam A] . Het was en is UWV bekend dat [A] deze onderneming had naast zijn betrekking bij UWV. Het verwijt van UWV aan het adres van [A] dat [A] op niet geanonimiseerde wijze een ondernemingsplan aan [naam VOF] heeft gezonden is wel terecht. Deze gedraging is echter onvoldoende ernstig voor een ontslag op staande voet. [A] heeft nooit de bedoeling gehad om UWV op welke manier dan ook te schaden of te benadelen. Zo al geoordeeld zou moeten worden dat sprake is van een onrechtmatige gedraging van [A] , weegt het belang van [A] bij behoud van zijn baan, gelet op de ernstige gevolgen van het ontslag voor [A] , zwaarder dan het belang van UWV bij het voorkomen van onrechtmatig gedrag. Ook om die reden kan het ontslag op staande voet geen stand houden. Tot slot is [A] van mening dat de periode tussen het moment dat volgens UWV bij het Bureau Integriteit de melding van een mogelijke schending van de integriteit binnenkwam en het moment waarop aan [A] het ontslag op staande voet is verleend, te lang is om te kunnen spreken van een onverwijlde opzegging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/88fed108e19dae2ce156cf2ed88dd2724bfa3c91715d899c5a1ccd08b0aa3aee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 88fed108e19dae2ce156cf2ed88dd2724bfa3c91715d899c5a1ccd08b0aa3aee, en de alinea staat in dat document op bytes 34575 tot 37311.