Citaat | Rechtbank Noord-Nederland 10 november 2020

Onder 4.14. Rechtbank Noord-Nederland 10 november 2020

Een alinea uit Rechtbank Noord-Nederland 10 november 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:3821.

Met inachtneming van het vorenstaande overweegt de kantonrechter als volgt. Niet in geschil is dat [X] is opgetreden als effectenbemiddelaar. Een effectenbemiddelaar die mogelijke cliënten aanbrengt bij een effecteninstelling wordt ook cliëntenremisier genoemd. Cliëntenremisiers zoals [X] waren uit hoofde van artikel 12 van de Vrijstellingsregeling Wte 1995 vrijgesteld van de vergunningplicht van artikel 7 lid 1 Wte 1995, om cliënten aan te brengen bij een effecteninstelling als Aegon. Op grond van artikel 21 lid 1 Wte 1995 moesten effectenbemiddelaars die van de vergunningplicht waren vrijgesteld, worden ingeschreven in het in dit artikel genoemde register. Het antwoord op de vraag of [X] stond ingeschreven in het register is, gegeven de grondslag van de vordering van [A] , niet relevant omdat de vrijstelling slechts beperkt was tot werkzaamheden als cliëntenremisier. De effecteninstelling die wist of behoorde te weten dat een cliëntenremisier een aangebrachte belegger vergunningplichtige diensten heeft verleend zonder over de noodzakelijke vergunning te beschikken en deze belegger niettemin als cliënt accepteert, handelt in strijd met artikel 41 NR 1999 en daarmee onrechtmatig jegens die belegger.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/324956b0353d7b78cf74cc066957d56569bc3c98aff650a5d266fefd78fcc806. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 324956b0353d7b78cf74cc066957d56569bc3c98aff650a5d266fefd78fcc806, en de alinea staat in dat document op bytes 29067 tot 30305.