Citaat | Rechtbank Oost-Brabant 3 april 2015

Onder 5.2. Rechtbank Oost-Brabant 3 april 2015

Een alinea uit Rechtbank Oost-Brabant 3 april 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:1921.

12. De rechtbank volgt eisers niet in hun betoog dat verweerder, als hij geen aanleiding zag het verzoek om inzage te honoreren, dit verzoek had moeten doorzenden. De doorzendplicht in artikel 2:3 van de Awb ziet op een situatie waarin het bestuursorgaan niet bevoegd is om een beslissing te nemen. Verweerder beschikte over de door eisers verzochte gegevens en was bevoegd om op het verzoek te beslissen. Hij heeft dan ook terecht geen aanleiding gezien het verzoek van eisers door te zenden. Verweerder kon de gevraagde inzage in de brongegevens echter niet geven op grond van de hiervoor besproken wettelijke geheimhoudingsplichten. Reeds gelet op die geheimhoudingsplichten kan ook de stelling van eisers dat verweerder misbruik van recht maakt, niet worden gevolgd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d91fb73f72e40bffb89d2736d0af8b2516ad4becca7fd1e0f34ce7ae9a3e30d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d91fb73f72e40bffb89d2736d0af8b2516ad4becca7fd1e0f34ce7ae9a3e30d, en de alinea staat in dat document op bytes 23044 tot 23828.