Citaat | Rechtbank Oost-Brabant 4 mei 2016

Alinea 97 Rechtbank Oost-Brabant 4 mei 2016

Een alinea uit Rechtbank Oost-Brabant 4 mei 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:2222.

op tijdstippen in de periode van 1 januari 2014 tot 17 februari 2015 in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging met anderen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van hoeveelheden van een materiaal bevattende amfetamine en/of hoeveelheden van een materiaal bevattende metamfetamine en/of hoeveelheden van een materiaal bevattende MDMA, telkens zijnde middelen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I en/of hoeveelheden van andere middelen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, te bevorder en telkens voorwerpen en/of een vervoersmiddel en/of stoffen en/of gelden voorhanden heeft gehad waarvan hij ernstige reden had om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van die feiten, immers hebben hij en/of zijn mededaders opzettelijk daartoe:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a7e82fee2dc743e2a670fcad23f2508c7a3fdc8490c8f7de75c802ebb3277ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a7e82fee2dc743e2a670fcad23f2508c7a3fdc8490c8f7de75c802ebb3277ef, en de alinea staat in dat document op bytes 34924 tot 35976.