Citaat | Rechtbank Oost-Brabant 21 december 2016

Onder 4.21. Rechtbank Oost-Brabant 21 december 2016

Een alinea uit Rechtbank Oost-Brabant 21 december 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:7256.

Resteert het hiervoor onder 4.13 genoemde feit dat de Bank uit hoofde van haar zorgplicht na aflossing van de financiering in juni 2008 Hilltops dringend had moeten adviseren de renteswap te beëindigen, wat zij niet heeft gedaan. De rechtbank volgt de Bank niet in haar stelling dat de Bank hiervan geen enkel verwijt kan worden gemaakt omdat zij door toedoen van Hilltops niet wist van de aflossing. Uit de administratie van de Bank had moeten blijken dat de lening was afgelost en dat de renteswap doorliep. Dat de Bank haar interne administratie kennelijk zo had ingericht dat daarin geen enkele koppeling werd gemaakt tussen de renteswap en de onderliggende financiering, waardoor het kon gebeuren dat bij de afdeling Treasury niet bekend was dat de onderliggende lening was afgelost, komt naar het oordeel van de rechtbank in beginsel voor risico van de Bank. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de Bank haar zorgplicht heeft geschonden door Hilltops in juni 2008 niet indringend te adviseren om de renteswap te beëindigen vanwege de aan een ‘open’ positie verbonden risico’s. Dat de Bank haar zorgplicht heeft geschonden, en dat Hilltops in juni 2008 niet het indringend advies heeft gekregen de renteswap te beëindigen, is evenwel mede toe te rekenen aan Hilltops, die zich actiever had kunnen opstellen. Dat bij een vervroegd aflossen van de onderliggende financiering de renteswap niet automatisch zou worden aangepast of beëindigd, maar dat daarvan melding moest worden gedaan aan de afdeling Treasury van de Bank, had Hilltops kunnen lezen in de informatie die haar bij het sluiten van de renteswap is verstrekt. Hilltops had bovendien aan de uitkeringen die zij na juni 2008 bleef ontvangen uit hoofde van de renteswap kunnen zien dat de renteswap nog altijd doorliep en ook daarop had zij actie kunnen ondernemen richting de Bank. Hilltops ontving op 1 juli 2008 een bedrag van € 3.139,65, op 1 oktober 2008 een bedrag van € 7.147,50 en op 1 januari 2009 een bedrag van € 12.440,36. Dat er op dat moment een andere rechtsverhouding was tussen haar en de Bank waar deze betalingen naar te herleiden zouden zijn, stelt NHH niet. Dat Hilltops deze betalingen niet heeft opgemerkt acht de rechtbank onwaarschijnlijk, te meer omdat bij de eerste afboeking van 1 april 2009 dit Hilltops wel onmiddellijk opviel. Uit de gang van zaken leidt de rechtbank af dat Hilltops, anders dan NHH stelt, wel degelijk wist dat de renteswap doorliep en dat Hilltops de renteswap bewust heeft laten doorlopen zolang zij daarvan profiteerde. Dat maakt het tevens minder waarschijnlijk dat Hilltops de renteswap in juni 2008 zou hebben beëindigd als de Bank haar daartoe destijds zou hebben geadviseerd, zoals NHH wel stelt maar niet onderbouwt. Bij het laten doorlopen van de renteswap kon Hilltops blijven profiteren van de uitkeringen die zij ontving en de extreme rentedalingen die daarna zouden plaatsvinden waren destijds nog niet voorzienbaar. Naar het oordeel van de rechtbank staat dan ook niet vast dat de zorgplichtschending door de Bank, waaraan Hilltops mede debet is, voor Hilltops tot enige schade heeft geleid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3b49bcf5e7b480382926f7e23a73e30f96341af15407d70c2032e771d0a07f7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3b49bcf5e7b480382926f7e23a73e30f96341af15407d70c2032e771d0a07f7d, en de alinea staat in dat document op bytes 44948 tot 48099.