Citaat | Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026
Alinea 127 Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026
Een alinea uit Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7601.
De verdediging heeft primair verzocht de vordering af te wijzen gelet op de bepleitte vrijspraak ten aanzien van feit 1, dan wel niet-ontvankelijk te verklaren omdat de vordering onvoldoende onderbouwd is. Daarnaast is ten aanzien van de gevorderde materiële schade aangevoerd dat er pas op 15 september 2026 voor het eerst is gesproken over urgentie, terwijl de feiten dateren van 2 april 2026. Of de urgentie aanvraag wordt toegewezen en aangeefster daadwerkelijk kan verhuizen, is nog maar de vraag. Dat maakt de toekomstige schadepost voor verhuis- en inrichtingskosten op dit moment onvoldoende concreet. Bovendien bestonden er al verhuisplannen bij aangeefster voorafgaand aan de gebeurtenissen op 2 april 2026. De hoogte van de immateriële schadevergoeding wordt betwist. Hoewel door de benadeelde partij aansluiting is gezocht bij de Rotterdamse Schaal en aangehaalde jurisprudentie, is de Rotterdamse Schaal niet bindend en past de zaak beter bij schaal c (categorie “tamelijk ernstig”), met een schadebedrag tussen de 2.500,- en 7.500,- euro. Subsidiair wordt dan ook verzocht de gevorderde immateriële schadevergoeding (flink) te matigen en aansluiting te zoeken bij de hiervoor genoemde categorie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998, en de alinea staat in dat document op bytes 54661 tot 55891.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998 | shasum -a 256