Citaat | Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026

Alinea 60 Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026

Een alinea uit Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7601.

Van opzetverkrachting is sprake als een verdachte met een ander seksuele handelingen heeft verricht die (mede) bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die ander, terwijl de verdachte – al dan niet in voorwaardelijke zin – wist dat bij de ander de wil daartoe ontbrak. Van wetenschap van een ontbrekende wil bij de ander is in het algemeen sprake als de ander met duidelijke verbale of non-verbale signalen te kennen heeft gegeven het seksuele contact niet op prijs te stellen en de verdachte dit seksuele contact toch heeft voortgezet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998, en de alinea staat in dat document op bytes 27908 tot 28481.