Citaat | Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026

Alinea 69 Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026

Een alinea uit Rechtbank Oost-Brabant 2 november 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:7601.

Al het voorgaande brengt de rechtbank tot de conclusie dat de verklaringen van aangeefster betrouwbaar zijn en dat deze in voldoende mate ondersteund worden door de overige bewijsmiddelen in het dossier. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat voldaan is aan het wettelijk bewijsminimum zoals bepaald in artikel 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering en heeft zij de overtuiging gekregen dat verdachte degene is geweest die de onder feit 1 ten laste gelegde gedragingen gepleegd heeft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63a6c7285ebd40cb49652da63d1e81d37189b1e28665b6b6a64181067a0ac998, en de alinea staat in dat document op bytes 33244 tot 33772.